Logo Rob Hordijk tekstschrijver
MENU

20 Tips om zelf je levensverhaal te schrijven

Tip 1 - Maak een schrijfplan.

Net als de meeste andere boeken begint het schrijven van je levensverhaal met een lijstje. Zo'n lijstje is de indeling van je verhaal. Je kunt je leven opsplitsen in tijdvakken, bijvoorbeeld

de eerste tien jaar, de tweede tien jaar enz.,

of in thema's, zoals

jeugd, opleiding, sport, relaties, loopbaan enz.

Geef onder elk tijdvak of thema de voornaamste onderwerpen weer. Zo’n indeling wordt een schrijfplan genoemd. Dit schrijfplan dient vooral om je verhaal een logische structuur te geven en er voor te zorgen dat je niets vergeet. Schiet je iets te binnen – en dat gebeurt voortdurend - vermeld dat dan op het lijstje van het juiste tijdvak of thema. Als je naar zo'n gedetailleerde lijst kijkt, zie je de hoofdstukindeling van het verhaal dat je wilt gaan schrijven. Je hoeft de onderwerpen alleen nog maar uit te werken.
Gun je zelf de vrijheid van je schrijfplan afwijken als dat moet. Sommige onderwerpen – zoals traumatische gebeurtenissen, gezondheidsproblemen, verhuizingen en andere ingrijpende voorvallen - trekken zich nu eenmaal niets van een indeling aan.

Tip 2 - Objectief of niet?

Jouw levensverhaal laat jouw persoonlijke kijk zien op de dingen die zijn gebeurd. Maak je niet druk over de vraag of wat je opschrijft in de ogen van anderen ook precies zo is. Je bent geen historicus. Lucht je hart, maar denk er aan dat papier geduldig is. Wat je schrijft, staat er jaren later nog, ook als je je mening inmiddels hebt herzien. Maak van je verhaal geen afrekening. Na een paar pagina’s zijn je lezers het geruzie zat.

Tip 3 – Kies het juiste perspectief: ik of hij/zij?

De meeste levensverhalen of autobiografieën worden in de ik-stijl te schrijven. Dat is soms even wennen. We vinden het niet netjes onszelf in het middelpunt te plaatsen. Maar een levensverhaal gaat over jou en daarin wordt dat van je verwacht.
Je kunt ook jezelf in derde persoon (hij/zij) beschrijven. Deze is wat afstandelijker dan de eerste persoon (ik). Voordeel is dat afstand je misschien makkelijker in staat stelt gevoelige onderwerpen te beschrijven. Niet jij maar hij/zij is immers de hoofdpersoon. Nadeel is dat afstand het gevaar van vervlakking inhoudt terwijl de kwaliteit van een verhaal gebaat is bij echtheid, doorleefdheid en intensiteit.

Tip 4 – De beste stijl is je eigen stijl

Het verschil tussen schrijf- en spreektaal wordt steeds kleiner. Schrijf daarom zoals je praat. Dat is jouw stijl. Daaraan word je ook herkend.

Tip 5 – Vermijd lange zinnen

Schrijf geen zeeslangen van zinnen met tussenzinnen en bijzinnen (zogenaamde tangconstructies). Maak er liever korte aparte zinnen van.

Tip 6 – Varieer lange en korte zinnen.

Tekst heeft een soort ritme. Net als in muziek wordt een lang aangehouden ritme saai. Zorg daarom voor variatie. Werk je naar een spannend moment toe, pas daar dan het ritme met nog kortere zinnen op aan.

Tip 7 – Vermijd de lijdende vorm

De lijdende vorm is een zinsconstructie met de werkwoorden ‘worden’ en ‘zijn”, zoals:

De afwas wordt door Hetty gedaan

De nadruk ligt in deze zin op de afwas, niet op degene die hem doet. Die kun je zelfs weglaten. Om die verhullende reden wordt de lijdende vorm veel gebruikt in officiële teksten. De constructie is log en saai. Maar gelukkig kan de zin ook in de bedrijvende vorm worden gezet. Deze ontstaat door het werkwoord 'worden' weg te laten:

Hetty doet de afwas

Beide zinnen zeggen hetzelfde, maar de laatste is korter en actiever dan de eerste en heeft daarom de voorkeur. Een goed artikel met voorbeelden van de lijdende en bedrijvende vorm is te vinden op de site Taaladvies.

Tip 8 - Vermijd cliché's

Cliché's zijn woorden, uitdrukkingen en zegswijzen die misschien ooit leuk en origineel waren, maar dat door veel gebruik allang niet meer zijn. Een van de ergste is

Alles kits achter de rits?

Verschrikkelijk. Maar ook een modieuze marketingdraak als

Bij ons staan service en kwaliteit hoog in het vaandel

deugt niet. En zo zijn er vele.
Ook cliché's zijn trend- en modewoorden als ontzorgen, uitrollen, oppimpen, chillen, off line zijn enz. Het is taal voor mensen die erbij willen horen. Onder de titel Clichétaal - deze woorden durft u nooit meer te gebruiken geeft de Volkskrant een lange opsomming van foute woorden en uitdrukkingen.

Tip 9 - Vermijd voorzetseluitdrukkingen

Voorzetseluitdrukkingen zijn combinaties van woorden die een voorzetsel vervangen, zoals door middel van (door), met betrekking tot (voor, over), in het kader van (door, bij, wegens, om te). Je vindt ze vaak in officiële stukken die daardoor log overkomen. Ze dienen om niet zo duidelijk te hoeven zijn als het voorzetsel dat ze vervangen. Gooi ze er uit en zie hoeveel raker je tekst is.
Een bijzonder geval (omdat het geen combinatie van woorden is) is het woord 'richting' (naar, toe, tegen) in de volgende betekenis:

De trainer zei richting de spelers dat de bal enz.

Richting is geen voorzetsel maar een zelfstandig naamwoord. De auteur bedoelt:

De trainer zei tegen de spelers dat de bal enz.

De site Scribbr.nl geeft een lijst van de ergste voorzetseluitdrukkingen met de simpele voorzetsels die deze vervangen.

Tip 10 - Detailleer

Lezers willen zich een beeld kunnen vormen bij wat je schrijft. Details zijn daarbij even onmisbaar als decorstukken bij een toneeluitvoering. De mededeling:

In september 1974 ging ik naar de lagere school

spreekt meer tot de verbeelding als je die uitwerkt tot zoiets als:

In september 1974 ging ik naar de lagere school. Deze was gevestigd in een statig pand aan een ingedut plein dat op gezette tijden werd opgeschud door de tram die zich piepend door de bochten wrong. In de entree van het gebouw was een bijbels mozaïek gemetseld. Brede trappen leidden naar drie etages met klaslokalen. De bovenmeester sloop met een hoofd dat bijkans barstte van orde en rechtvaardige strengheid door de betegelde gangen om uit de klas gestuurde zondaars te vermanen en door de ruitjes in de deur een blik op de klas erachter te werpen. We zaten daar in hoge klaslokalen achter tafeltjes met ingebouwde inktpotten en leerden er schrijven met een kroontjespen die deed denken aan een Spaanse hellebaard. Inktlappen waren uitstekend werpmateriaal. Enz.


Tip 11 - Varieer je woordgebruik

Steeds hetzelfde woord gebruiken, klinkt wat erg makkelijk. Vergelijk de volgende zinnen:

Mijn fiets deed het nog. Ik stapte op mijn fiets en fietste naar huis. Daar zette ik mijn trouwe fiets voor de deur. Ik maakte mijn fiets vast met een fietsslot.

Veel fiets. Dat kan beter:

Mijn fiets deed het nog. Ik stapte erop en reed naar huis. Daar zette ik mijn trouwe rijwiel/karretje/tweewieler voor de deur. Ik maakte hem vast met een hangslot.

De tweede tekst is een stuk gevarieerder en daardoor aantrekkelijker. Raadpleeg sites als synoniemen.net om alternatieven te vinden.

Tip 12 - Probeer eens een vergelijking of metafoor

Een manier om droge feitelijkheid te omzeilen is de vergelijking, een constructie ingeleid met 'als', zoals:

De deur viel achter mij in het slot als een valbijl die elke band onherstelbaar doorkliefde

De vergelijking stelt je in staat je gevoelens te accentueren met behulp van beelden uit andere situaties en soms een ander idioom. Humor maakt veel gebruik van vergelijkingen.
Een metafoor is een beeldende vergelijking zonder 'als'. Een schitterend voorbeeld is de zin:

in 'n zaal waar 't zonlicht vleermuisschuw verwildert

uit een gedicht van J.J. Slauerhof, maar algemener zijn uitdrukkingen als 'het regent pijpestelen', 'ik sliep een gat in de dag', 'wat een zwijnenstal is het hier' enz. Leuker dan in zegswijzen verankerde vergelijkingen en metaforen zijn die welke je zelf hebt bedacht.

Tip 13 – Je levensverhaal is een tijdsdocument

Een levensverhaal beschrijft verschillende tijdsbeelden. Dat maakt het aantrekkelijk om te lezen maar houdt ook in dat sommige begrippen niet meer zo vanzelfsprekend zijn. Kinderen van nu hebben geen idee waarover je het hebt als je over De Oorlog praat en kunnen zich een tijd zonder internet, smartphone en videospelletjes niet voorstellen. Floppy disc? Nooit van gehoord. Dan kan enige uitleg geen kwaad.

Tip 14 - Niet perfect is niet erg

Maak je geen zorgen over schrijf-, stijl- of taalfouten. Geen enkele schrijver schrijft in een keer de perfecte tekst. Probeer dat dus vooral niet te doen. Schrijf zoals het in je opkomt. Zorg dat wat je wilt zeggen op papier komt. Het fijn slijpen van de tekst komt later. Als je daar niet uitkomt, kun je altijd hulp inroepen.

Tip 15 - Vergeet de anekdotes niet

Een uitstekende manier om te voorkomen dat een levensverhaal een droge opsomming van feiten wordt, is het op smaak te brengen met leuke voorvallen.

Tip 16 - Werk in gedeelten

Je moet in je eigen boek groeien. De ene herinnering roept de andere op. Schrijf ze op in de volgorde waarin ze aan je verschijnen en schrijf later de verbindende teksten. Maak je ook nog niet druk om de volgorde. Als je moeite hebt met op gang komen, schrijf dan die episodes het eerst die je het liefst wilt beschrijven.

Tip 17 - Schrap!

Als je denkt dat je klaar bent, lees en schrap. Schrap wat er eigenlijk niet toe doet. Schrap een stuk of wat bijvoeglijke naamwoorden. Vervang omhaal van woorden door kernachtiger formuleringen. Schrap minstens 20% en constateer dat je verhaal er alleen maar op vooruit is gegaan.

Tips om een boek van je levensverhaal te maken

Je hebt verschillende mogelijkheden om je levensverhaal te publiceren. Je kunt het als E-boek op je site zetten, verspreiden als Word- of PowerPoint-document, uitvoeren als videoclip op YouTube of er een boek van maken. Dat laatste is de meest populaire manier van verspreiding. Een boek is een waardevol product voor iedereen die een exemplaar in handen krijgt.

Tip 18 - Opmaak

Kijk van te voren met welke digitale drukker je in zee gaat. Je kunt ze op het web vinden. Drukkers zijn aardige mensen bij wie je met je vragen terecht kunt. Bij sommigen kun je gewoon een Word-document aanleveren. Anderen beschikken over sjablonen of templates die je helpen bij de opmaak van je boek en die voor een goed drukresultaat zorgen. Zo’n sjabloon zorgt automatisch voor het juiste paginaformaat en de juiste marges.

Tip 19 - Foto's

Illustreer je boek met foto’s uit het familiealbum. Als deze niet digitaal zijn, kun je zorgen dat ze dat worden door er met de camera van je smartphone een foto van te maken en deze aan je boek toe te voegen. Op deze manier kun je ook allerlei andere documenten in je boek zetten. Zorg voor variatie in je beeldmateriaal en denk aan de onderschriften.

Tip 20 - Drukken

Om je digitale drukker aan het werk te krijgen, hoef je alleen maar je boek als digitaal bestand naar hem toe te sturen. Je kunt net zo makkelijk één als veel exemplaren van je boek bestellen. Kwestie van een vinkje. De drukker bindt je boeken ook en levert ze af in dozen.
Laat je door je drukker adviseren welk formaat en welke papiersoort je het beste kunt kiezen. Wil je je boek een luxueuze uitstraling meegeven, kies dan een hard cover. Nog chiquer is een leeslint.


Geef je commentaar

  

Free lance
tekst­schrijver

portret free lance tekstschrijver
Ik ben Rob Hordijk. Mijn leven lang schrijf ik fictie en non-fictie boeken, zakelijke tekst, levensverhalen, artikelen, blogs, columns, verhalen. Soms voor mijzelf, meestal voor anderen.
Loop je vast? Kom je er niet uit? Tekstschrijver nodig? Neem contact op.

Meer over
levens­verhalen:

Het schrijven van je levensverhaal doet een flink beroep op je geheugen. Gelukkig zijn er ook veel manieren om het op te frissen. Vooral Google kan je daarbij goed helpen. Neem een kijkje op Tips om je geheugen te stimuleren.
In het Levensverhaal in de psychologie kun je lezen dat de mens zichzelf ziet als een consistent verhaal. Een levensverhaal, dus. De psychologie kan daar iets mee. Jijzelf trouwens ook.
Er zijn allerlei Soorten levensverhalen en ze zijn van alle tijden. Biografiën, memoires, dagboeken, blogs, zelfs profielen op datingsites. Het worden er steeds meer maar wat is het verschil?
Kom je er niet uit? Loop je vast? Laat dan je levensverhaal door een tekstschrijver optekenen. Wat je daarvoor moet doen en daarvan kunt verwachten, lees je in Samen je levensverhaal schrijven.

Voorbeel­den van
levens­verhalen:

Een groepje jonge helden loopt de stad uit, het avontuur tegemoet. Jonge helden
Een meisje met wereldse opvattingen wil toch graag meedoen aan de kerstviering van de kloosterschool. De triangel
Een man denkt terug aan zijn eerste jaren aan de rand van Utrecht. De Vecht stroomde gewoon verder
Een jongen zwoegt aan de blaasbalg van een kerkorgel zodat zijn vader nog een keer 'Mein Junges Leben hat ein End' kan spelen. Mein Junges Leben hat ein End
Een gestorven geliefde blijft door iemands hoofd spoken. De telefoon ging.


Cartoon van een allround tekstschrijver die teksten schrijft die werken