Logo Rob Hordijk tekstschrijver
MENU

Het praalgraf van de NVSH

Amsterdam, begin jaren zeventig. Er gebeurde wat, dat kon je merken. De geur van wiet hing als Abendstimmung boven het Vondelpark. Flower Power. Op de zonneweide struikelde je over de vrijende paartjes terwijl de Stones je tegemoet woeien uit 't Okshoofd, de Melkweg en tal van andere gelegenheden. Phil Bloom was net bloot op tv geweest. Provo had de grimmige stedelijke overheid onderuit gehaald met ludieke protesten. Vrijheid en vrije liefde, het tweede als uitbundige bevestiging van het eerste, hadden Amsterdam in een permanente voorjaarsroes gedompeld. De stad zinderde. In de Bijlmer, decor voor Blue Movie, vroeg Kiki of ik met haar meeging. Ravissant zwart haar, vlammende ogen, begerenswaardig lichaam. Op het naambordje naast de deur van haar flat stond "Kiki le Grand, Charles Dubois". Een vleugje l'amour op de kilometerslange tiende etage. Charles zat in de woonkamer en stak zijn hand op, bijna als een vader die de nieuwe vriend van zijn dochter begroet. "Mijn man," verduidelijkte Kiki. Ze begreep mijn aarzeling. "Wij hebben een open relatie," zei ze. "Charles is secretaris van de NVSH en ik doe ook veel voor ze."

Hoogtij

Het waren de hoogtijdagen van de NVSH, de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming. De NVSH was een landelijke vereniging die in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw grote bekendheid verwierf als wegbereider van de seksuele vrijheid in ons land. De NVSH streed onder meer voor gelijkberechtiging van vrouwen, vrije abortus, aanvaarding van homoseksualiteit en verandering van de seksuele moraal. Dat bezorgde de vereniging ongekende populariteit. Sekstant - het verenigingsorgaan dat aanvankelijk nog Sextant werd genoemd - werd zelfs een cultblad. Wie voor progressief wilde doorgaan, viste op zaterdagmorgen Vrij Nederland, de Volkskrant en de Sextant uit de bus. De inhoud paste wonderwel bij de tijdgeest die graag wilde afrekenen met het starre oude patriarchaat dat het vooroorlogse huiselijke gezinsleven had beheerst. Mannen werden opgeroepen zich om het orgasme van hun vrouwen te bekommeren, de overheid moest meer ruimte bieden aan homo's en lesbo's, partnerruil en open relaties werden aanbevolen als remedie tegen de onverbeterlijke neiging tot sleetsheid van het menselijk verkeer. De politiek stuiterde en het publiek gniffelde dat dankzij die dekselse NVSH al die steile ministers en kamerleden zich met hun Opsteltiaans-slome en plechtstatige stemmen over dergelijke zaken moesten uitspreken. Rond 1970 telde de NVSH 220.000 leden en had in zowat elke stad een afdeling. Overal in het land beschikte de vereniging over consultatiebureaus waar voorlichting over anticonceptie en geslachtsziekten werd gegeven. Op het hoofdkussen in de slaapkamer van haar flat vertelde Kiki dat ze spermadonoren hielp. "Ik geef ze een blaadje mee en een flesje en soms steek ik zelf een handje toe," zei ze glimlachend en strekte zich loom uit. Dat deed de NVSH dus ook.

Geen lid, geen kapotje

De NVSH was de voorhoede van de seksuele revolutie in ons land. À contrecoueur want het was helemaal geen actiepartij. De vereniging was in 1946 opgericht door seksuologen en welzijnswerkers die op beschaafde wijze naar voren brachten hoe het in bed eigenlijk zou moeten. In de eerste jaren van haar bestaan had zij zich vooral bekommerd om haar statuten goedgekeurd te krijgen. Het grote ledental - waarmee ze uitstak boven menig andere vereniging in ons land - had de vereniging te danken aan het feit dat ze gedurende enige tijd het monopolie had op de verkoop van condooms die ze aan het verplichte lidmaatschap had verbonden. Geen lid, geen kapotje – net als met de statuten ging het eigenbelang voor het algemene. Iets dergelijks gebeurde later ook met de pil. Door dat ledental was de NVSH een factor geworden waarmee rekening werd gehouden, waarschijnlijk ook doordat de van oorsprong Haagse vereniging een jargon sprak dat in regeringskringen makkelijk ingang vond. Voor het grote publiek werd het om diezelfde reden meer en meer een partij van doctorandussen, vooral nadat de consultatiebureaus waren overgedaan aan de Rutgersstichting en de voeling met de praktijk was verdwenen. Het gekrakeel nam toe, het ledental af, de vereniging ging bijna failliet. Toen de NVSH zich ook nog eens vergreep aan een afwijkend standpunt over pedofilie, was het met de rest van de populariteit snel gedaan. Zo rond de eeuwwisseling werd weinig meer van de vereniging vernomen.

Teloorgang van de saamhorigheid

De teloorgang van de NVSH paste in het tijdsbeeld. Veel verenigingen hadden aan het eind van de vorige eeuw te kampen met afnemende collectiviteitszin. Het hoogtepunt van dit collectiviteitsdenken lag in de decennia daarvoor, toen het een belangrijk element in de klassenstrijd was. De komst van Paars illustreerde dat de polarisatie voorgoed was verdwenen en dat links en rechts het eigenlijk prima met elkaar konden vinden. De "in de strijd gestaalde kaders" waren welgedane neo-liberalen geworden met goed gedefinieerde eigenbelangen. Ze waren niet meer te porren om na een sportwedstrijd het materiaal te verzamelen, shirtjes te wassen, kantinediensten te draaien. De kinderen van de welvaartsmaatschappij betaalden liever wat meer om dergelijke klusjes te laten opknappen. Omroepverenigingen, vakbonden en politieke partijen zagen hun ledentallen teruglopen, veel sportverenigingen hielden ermee op. Het kostte enige tijd voordat de bestuurders beseften wat er aan de hand was. De saamhorigheid, dat kenmerk van de twintigste eeuw, was verdwenen.

Haags tuinhuis

Is de NVSH weg? Nee, ergens in een Haags tuinhuis komen nog regelmatig wat oudgedienden bij elkaar om de website www.nvsh.nl te onderhouden. Deze sterk verouderde site geeft adviezen op het gebied van seks en herkenning en voorkoming van SOA's. Om een of andere reden is hij in maar liefst vijf talen - het Engels, Frans, Duits, Spaans en Russisch - vertaald, alsof de geboden informatie op de thuismarkten zelf niet beschikbaar is.

Terugkijkend was de club die lange tijd werd vereenzelvigd met de naoorlogse morele wederopstanding en progressiviteit een genootschap dat nooit kon waarmaken dat het om de gewone man en vrouw ging. De NVSH mat zich de rol van leraar aan, vertelde hoe je het moest doen en wat je daarvan moest vinden, en handhaafde ondertussen een flinke afstand ten opzichte van de grootste groep beoefenaren. Rondom hun activiteiten bleef de sfeer van laboratoriumseks hangen waarbij op elk moment een witgejaste doctorandus je op de schouder kon tikken om te zeggen dat je het niet goed deed. Echte vrienden werden het nooit en daarom stortte het ledental pijlsnel in toen de wetgeving op de verstrekking van voorbehoedsmiddelen werd verruimd.

Misschien was het allemaal anders gegaan als de NVSH zich had gespiegeld aan een ander grote club, de ANWB. Deze had bijtijds ingezien dat je een ledenorganisatie van enige omvang niet aan amateurs – wielrijders, welzijnswerkers of seksuologen - moet overlaten en had de leiding in handen gelegd van professionele bestuurders die de bond bekwaam langs allerlei klippen loodsten. Tegenwoordig heeft de ANWB meer dan vier miljoen leden.

Blunders

Nu werd het bestaan gemarkeerd door regelrechte blunders zoals het van de hand doen van de consultatiebureau's - vergelijkbaar met een winkelketen die zijn winkels de deur uit doet -, het ontbreken van leiderschap en visie, de chaotische administratie en het daaruit voortvloeiende bijna-faillissement, en natuurlijk de betrokkenheid bij de pedo-avonturen van de inmiddels verboden vereniging Martijn. De publieke afschuw moet zelfs tot in het Haagse tuinhuisje hebben doorgeklonken, maar kon het genootschap niet beletten om met dogmatische halstarrigheid de advocaat van de pedovereniging tot aan de Hoge Raad en het Europese hof te financieren.

De afdelingen

Toch was het opmerkelijk dat een dergelijk lot de NVSH trof. Niet vanwege die veteranen in hun tuinhuisje, maar vanwege de afdelingen. Daar werd namelijk seks bedreven en dat is een bezigheid die altijd doorgaat en altijd overleeft. Bij de NVSH gold het aloude menslievende beginsel dat niets raar is. Je kon het er met een ander doen zonder dat je daarvoor het wat besmuikte tolpoortje van een seksclub door hoefde. Hetero's, homo's, lesbo's, swingers, sado's, maso's, transgenders, exhibitionisten en luierfetisjisten vonden er onthaal. Bovendien vroeg de NVSH er weinig voor. Terwijl seksclubs flinke entrees verlangden en dito prijzen voor drankjes en hapjes, was je voor een bezoek aan de NVSH een paar tientjes kwijt. Dat had ook best wat meer mogen zijn. Er was namelijk geen alternatief. Dat doet de vergelijking met andere verenigingen mank gaan. Een voetballertje wiens vader geen krijtstrepen wil trekken, gaat gewoon naar een andere club.

Website

In 2014 werd ik gevraagd een website voor de toen nog bestaande afdeling Haarlem te maken. Ik dacht meteen aan Kiki maar de achtenswaardige dames en heren die ik in het statige herenhuis aan de Ripperdastraat sprak, schudden hun hoofd. Kiki was al lang verdwenen en met haar talloze anderen. Het bestuur vertoonde tekenen van aanstaande ontbinding. De meeste leden bleven nog een paar jaar maar dan zouden ze het voor gezien houden. Opvolgers waren er niet. De bezoekersaantallen waren beperkt.

Wij weten wat goed is voor het volk

Hoe kon een dergelijk repertoire niet draaien? Het antwoord is vermoedelijk te vinden in het gebrek aan zelfkritiek dat de club gedurende zijn korte bestaan heeft gekenmerkt. Het afdelingsbestuur had het arrogante non-inzicht van het hoofdbestuur geërfd: wij weten wat goed is voor het volk. Als dat niet komt, ligt het aan het volk. Niemand besefte de veranderingen die zich in de samenleving hadden voltrokken. Potentiële bezoekers als een markt zien en deze volgens de grondregels van marketing benaderen was ondenkbaar. Dat mond-tot-mond reclame niet meer werkt als je geen leden meer hebt, was een besef dat maar moeizaam doordrong. De bestuurders zaten zo vast in hun verenigingsdenken dat ze de klant kwalijk namen dat deze niet was zoals zij.

Stekeblind voor de nieuwe tijd

De website werd een drama. Niet omdat deze niet goed was – het was een van de beste die ik ooit had gemaakt, al zegt dat misschien weinig – maar door het onvermogen van de mensen om er mee om te gaan. Binnen de kortste keren keken er meer dan 3500 websitebezoekers per maand. Zelfs volgens conservatieve schattingen zouden die nog voor een ongehoorde aanloop hebben kunnen zorgen. Maar terwijl ieder ander een gat in de lucht zou springen, zagen de bestuurders alleen maar problemen. De nieuwe toestroom zou geen leden opleveren zoals zij die wensten: wel verenigingstypes - waar kwam je anders voor - maar niet dezulken die je ook nog eens kon vragen om na afloop de boel op te ruimen. Dat je daar vrijwilligers voor kon inhuren - betaalde vrijwilligers waarvoor de overheid zelfs belastingfaciliteiten in het leven had geroepen - was geen overweging. Om vrijwilliger bij de NVSH te kunnen zijn moest je over bijzondere kwaliteiten beschikken, als bestuurder blijkbaar niet. Met vochtige oogjes herinnerden de bejaarde bonzen aan de tijden dat het nog goed was en je in voor- en tegenspoed op een lid kon rekenen. Die saamhorigheid... Als je ging verhuizen, belde je je vrienden van de NVSH, bij wijze van spreken. De oudste van allemaal zat in Den Haag en spuwde van puur onbenul zijn gal over zoveel nieuwlichterij. Over saamhorigheid gesproken. Stekeblind voor de nieuwe tijd, nieuwe mensen, nieuwe vriendschappen en blijkbaar ook een nieuwe moraal.

Geen literair vaarwel

Ik heb 'm weggehaald, die site. De afdeling Haarlem was inmiddels het pand uitgegooid dat ze had gehuurd, had geen nieuw onderkomen kunnen vinden en zichzelf nagenoeg opgeheven. Het bestuur beheerde alleen nog geld dat over was om min of meer geestverwante activiteiten te financieren. Misschien iets ero-cultureels? Ik had nog een boekje met Lellebellettrie op stapel staan waarvoor ik een tekenaar zocht. Ze waren mij wel iets verplicht, meende ik. Ik had de site belangeloos gemaakt, ook al ben ik beroeps, en daar maanden aan gewerkt. Layout, techniek, sourcing, tekst. Een eigen gezicht, geen template. Ik had nooit van hun diensten gebruik gemaakt. Nu bood ik hen ook enige culturele verheffing in de vorm van een eervolle vermelding. Een waardig literair vaarwel van de NVSH aan de samenleving. Maar ze gingen er niet op in. Ik had mijn afgrijzen van onbenul en achterklap niet onder stoelen of banken gestoken en dat woog zwaarder. Uiteindelijk waren ego's belangrijker dan saamhorigheid - alleen daarin waren ze behoorlijk eigentijds.

Finale

Natuurlijk had de afdeling gered kunnen worden. De vraag was er en nam zijn eigen aanbod mee. Kennis en ervaring, op een paar essentiële gebieden na, was ruimschoots aanwezig. Er lag een plan klaar om de afdeling naar Amersfoorts model onder te brengen in een rechtspersoon met een maatschappelijk doel en de activiteiten in workshops te stoppen. Maar ze wilden niet gered worden, de brave bonzen van de NVSH. De gepensioneerde verkoper van kantoormachines, de voormalige boekhouder van een oliemaatschappij, ze waren moe en geen vernieuwers. Nooit geweest ook. Niemand had het inzicht of formaat om in te grijpen en de koers om te gooien. Verenigingen zijn daar niet zo geschikt voor. In hun saamhorigheid waren de bestuurders net zo elitair als de "grote" NVSH was geweest. Ze hielden zich krampachtig aan elkaar vast. Op een onbenulletje meer of minder keken ze niet, maar door hen zelf ontboden afgezanten van de nieuwe tijd moest je met argwaan bezien. Een reddingsboei was hoogverraad aan de vereniging.

De NVSH is net zo dood als de seksuele revolutie, in de Abendstimmung boven het Vondelpark schieten weer leeuweriken omhoog zonder stoned te worden en van Kiki heb ik nooit meer iets vernomen, wat ernstig te denken geeft. En de brave bonzen? Zij lieten zich hun praalgraf niet ontnemen.

Bronnen onder meer: © 2014-2017

Geef je commentaar

  

Free lance
tekst­schrijver

portret free lance tekstschrijver
Ik ben Rob Hordijk. Mijn leven lang schrijf ik fictie en non-fictie boeken, zakelijke tekst, levensverhalen, artikelen, blogs, columns, verhalen. Soms voor mijzelf, meestal voor anderen.
Loop je vast? Kom je er niet uit? Tekstschrijver nodig? Neem contact op.

Delen van dit artikel zijn eerder gepubliceerd op de aan de NVSH gelieerde en inmiddels beëindigde website www.devrijeminnerij.club.

Op internet herleeft de briefroman:

Ecamerone Een onthullende en expliciete liefdesgeschiedenis vol erotische verhalen.
  • Uniek, waargebeurd, meeslepend, openhartig
  • Unieke email-dialoog over liefde, verlangen en seks
  • Gericht op 40+
  • Amerikaans/Nederlandse boekproductie
Meer informatie: ecamerone.com of neem contact met mij op.



Cartoon van een allround tekstschrijver die teksten schrijft die werken